Diarree kun je het best bijhouden als een feitelijk patroon. Noteer wanneer het begon, hoe vaak het voorkomt en hoe lang elke periode duurt. Beschrijf ook of de ontlasting waterig is, of er buikpijn of krampen zijn en of de klachten je slaap, werk of andere activiteiten verstoren.

Noteer wat er rond de klacht gebeurde zonder meteen een oorzaak aan te nemen. Denk aan maaltijden, reizen, ziekte, stress, andere medicijnen, een verandering in routine of een recente dosiswijziging. Vermeld ook hoeveel je kunt drinken en of je moet braken.

Een symptoomrecord is geen diagnose en geeft geen antwoord op de vraag of je je medicijn moet aanpassen. Volg de bijsluiter van jouw medicijn en bespreek aanhoudende of hinderlijke diarree met je voorschrijver of apotheker. Verander je dosis, schema of medicijn niet zelfstandig.

Let op het geheel van je klachten. Als je niet genoeg vocht kunt binnenhouden, je duidelijk zwakker voelt of symptomen snel erger worden, wacht dan niet op de volgende controle. Vraag dringend medische hulp bij ernstige klachten of mogelijke ernstige uitdroging.

Neem je overzicht mee naar een gesprek: de datums, frequentie, duur, bijkomende symptomen en invloed op je dagelijks leven. Zo kan een zorgprofessional gerichter beoordelen welke vervolgstap passend is voor jouw situatie.