Ochtendmisselijkheid kan een patroon zijn dat de moeite waard is om te beschrijven, maar een notitie kan niet vaststellen waardoor het komt. Noteer hoe laat de misselijkheid begint, hoe lang die duurt en hoe sterk die is. Schrijf ook op of je hebt gebraakt en of je daardoor minder kunt eten, drinken of werken.

Kijk naar het verband met je routine. Noteer de avond ervoor, je slaap, het tijdstip van je medicijn volgens het voorgeschreven schema, je eerste eten en drinken en eventuele andere symptomen. Houd je beschrijving feitelijk: wanneer, hoe lang, wat je merkte en wat de gevolgen waren.

Misselijkheid kan samengaan met braken, diarree, buikpijn of moeite om vocht binnen te houden. Noteer deze klachten afzonderlijk en geef aan of ze veranderen. Probeer niet zelf te bepalen dat de misselijkheid door het medicijn komt of dat je daarom je dosis moet aanpassen.

Maak voor je voorschrijver een korte samenvatting van terugkerende ochtenden. Vermeld hoe vaak het voorkomt, of er een patroon rond een dosis of maaltijd is en wat je al hebt geprobeerd. Vraag welke informatie je verder moet bijhouden en volg de bijsluiter van jouw medicijn.

Neem contact op met je voorschrijver of apotheker als de misselijkheid aanhoudt, erger wordt of eten en drinken moeilijk maakt. Zoek dringend medische hulp bij ernstige of snel erger wordende klachten, bij tekenen van ernstige uitdroging of bij hevige aanhoudende buik- of rugpijn. Verander je dosis, schema of medicijn niet op basis van een symptoomrecord.